Bewustzijn: ‘Metselaar ontmomd’ in Leeuwarden

 

Leeuwarden als bakermat van de vrijmetselarij in Nederland. Dat staat centraal bij een expositie in Het Andere Museum aan de Oostersingel in Leeuwarden. Belicht wordt 300 jaar seculiere broederschap met als motto: ken u zelve.

Het gearrangeerde huwelijk in 1734 van Willem IV, stadhouder van Friesland en later van alle gewesten in de Republiek der Verenigde Nederlanden, met de Engelse prinses Anna van Hannover bracht de vrijmetselarij naar Leeuwarden. In Engeland ontstond de niet-religieuze en niet-politieke geestelijke stroming van vrijdenkers in 1717.

,,Een officiële loge was het niet, maar in het Leeuwarder Stadhouderlijk Hof waren Engelse leden van de hofhouding van het paar bezig met vrijmetselaarsrituelen’’, vertelt Marchienes Geersing, eigenaar van Het Andere Museum (van oldtimers tot kant) in een voormalig Leeuwarder singelpakhuis. ,,De hof- en hoofdkok Vincent la Chapelle richtte later in Den Haag, waar Willem naartoe verhuisde, de eerste loge op.’’

Expositie

Het jaar van de Culturele Hoofdstad, met veel aandacht ook voor Willem IV’s moeder Maria Louise van Hessen-Kassel (Marijke Muoi), was voor Geersing aanleiding 300 jaar vrijmetselarij te belichten. De 72-jarige oud-universiteitsbestuurder en ex-directeur van telecom- en energiebedrijven is sinds 2010 lid van vrijmetselaarsloge Viglius.

Hij benadrukt dat de expositie een samenwerkingsverband is van de 18 loges in Noord-Nederland (8 in Friesland). Van de Groninger (6) en Drentse loges (4) zijn aparte vitrines met materialen ingericht.

Rond de tempels van de vrijdenkers hangt geheimzinnigheid. De metselaar ontmomd, een ‘verradersboekje’ uit 1804 van een uitgetreden logelid, getuigt daarvan. Tegenwoordig is er openheid over ritualen en samenkomsten.

Openheid

,,Bezoekers van de expositie zijn verrast door de openheid en dat ze niet worden ingepakt met een glad verhaal’’, zegt Geersing. Het grootste deel van de collectie is zijn eigendom. Hij leende de schotten en pilaren van de minitempel van de landelijke orde.

In het tempeltje ligt een bijbel, die zoals bij vrijmetselaars hoort opengeslagen is bij het begin van het Johannes-evangelie. ,,Maar het mag ook een koran, de thora of het mensenrechtencharter van de humanisten zijn.’’ De niet-dogmatische vrijmetselaars gebruiken teksten uit alle wijsheidsliteratuur.

In de tempelruimte met hemellichamen en sterrenbeelden rondom staan de kandelaars wijsheid, kracht en schoonheid voor het lichtspel. Dt belangrijke ritueel wordt geleid door de Achtbare Meester. Een ruwe en een gepolijste steen staan symbool voor ontwikkeling. De leden proberen door zichzelf te verbeteren ook voor anderen meer te betekenen.

Meesterschap

Leden kunnen zich via de stadia leerling-gezel-meester opwerken. De symbolen van de vrijmetselarij – onder andere winkelhaak, passer, maatstok en twee zuilen – zijn op oude klokken en schilderijen in de expositie te zien met in het midden vaak het ‘alziend oog’, dat al of niet in verband kan worden gebracht met God.

De Leeuwarder museumeigenaar is zelf al met vervolggraden van het meesterschap bezig. Dat zijn de Schotse (gericht op deugden) en Yorkshire-rites (Bijbels-oudtestamentische verdieping). Hij is lid van de Protestantse Kerk, maar niet erg actief.

Trots is hij op een grote replica van een tijdlijn van de ontwikkeling van de vrijmetselarij, afgezet tegen de Nederlandse en Europese historie. Daarop is ook te zien dat er ooit nauwe banden waren met het huis van Oranje-Nassau. Inmiddels zijn die er niet meer.

Muziek

Muziek is belangrijk voor vrijmetselaars, al zijn het meer luisteraars dan zangers. Haydn, Mozart, Sibelius, maar ook jazzlegende Duke Ellington behoorden tot de broederschap. Hun muziek kan worden beluisterd. Maar ook die van de moderne Groningse groep Freestone.

Ook de Friese socialistische strijder en politicus Piter Jelles Troelstra, en de onlangs overleden astronaut Buzz Aldrin worden geëerd met een portret. De laatste plantte een vrijmetselaarsvlag op de maan en vierde er heilig avondmaal bij.

Geersing staat wat langer stil bij foto’s van de autotycoons André Citroën en Henry Ford, beiden vrijmetselaars. ,,Mijn oldtimerauto’s zijn met de kantcollectie van mijn vrouw de hoofdonderdelen van dit verzamelingenmuseum. Ook onze Maria Louise-stijlkamer en Mata Hari-tentoonstelling hebben relatie met de vrijmetselarij.’’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *